De bevalling

bevalling

De ene vrouw kijkt er halsreikend naar uit omdat ze na al die maanden ‘die buik meer dan zat’ is, de ander vindt het jammer dat die speciale periode bijna over is. Een spannende tijd breekt aan. Wanneer dient mijn kindje zich aan, hoe weet ik dat het zover is, kan ik het wel, zal de bevalling wel goed verlopen. Allemaal vragen die je de laatste periode van je zwangerschap zullen bezig houden. Een kindje te wereld brengen is niet iets wat je zomaar even doet, nee het is zelfs heel hard werken. Het wordt wel eens vergeleken met top sport.
Standaardbevalling

Er wordt gesproken van een standaard bevalling als de bevalling verloopt als “Normaal” . Dus zonder medische ingreep. Wel is iedere bevalling een unieke bevalling.
Hoe merk ik dat de bevalling gaat beginnen

Er zijn een aantal signalen die aangeven dat de bevalling zich aandient, dezehoeven echter niet allemaal aanwezig te zijn om de aankomende bevallingaan te kondigen.

Je verliest de slijmprop
Je verliest wat bloed
Je krijgt weeën
Je verliest vruchtwater

Verliezen van de slijmprop

De slijmprop sluit tijdens de zwangerschap de baarmoeder mond af. Het verliezen van de slijmprop houdt niet standaard in dat de bevalling ook meteen gaat beginnen. Het kan zelfs zo zijn dat je de slijmprop verliest en de bevalling nog twee weken op zich laat wachten. Maar het is wel een teken dat
het eind van de zwangerschap nadert. Een slijmprop is ongeveer 1 á 2 centimeter groot. Het is niet altijd zo dat je eerst de slijmprop verliest, deze kan je ook verliezen tijdens het persen.

Bloedverlies

Naast het verliezen van de slijmprop kan je ook wat bloed verliezen. Dit mag echter niet meer zijn dan een klein beetje. Verlies je ruim bloed of twijfel je hieraan dan is het belangrijk dat je de verloskundige raadpleegt.

Het krijgen van weeën

In de meeste gevallen zal een bevalling zich aankondigen met het krijgen van weeën. Deze zullen steeds regelmatiger en pijnlijker worden. Bij enige tijd regelmatige weeën die ongeveer 1 minuut duren wordt het tijd om de
verloskundige te waarschuwen. Bij een wee trekt de baarmoeder zich samen waardoor de baarmoeder mond veranderd (verstrijkt)

Verliezen van vruchtwater

Het vruchtwater kan in kleine beetjes te gelijk naar buiten komen, maar ook in 1 keer . Pas wanneer je vruchtwater verliest is de bevalling echt begonnen. De weeën moeten dan binnen 24 uur beginnen .Gebeurd dit niet dan zal de
bevalling hoogst waarschijnlijk worden ingeleid i.v.m. infectie gevaar. Controleer of het vruchtwater helder is. Het mag vlokjes bevatten, maar als je vruchtwater bruinig of groen is bel dan meteen de verloskundige.

Een “standaard” bevalling kan worden opgedeeld in 3 fases.

  1. De ontsluitingsfase
  2. De uitdrijvingsfase
  3. De geboorte van de placenta

De ontsluitingsfase

Langzaam maakt jou lichaam zich klaar voor de geboorte van je kindje. De baarmoedermond die tijdens de zwangerschap zo goed als gesloten was, gaat zich door de ontsluiting weeën langzaam openen. Hoe lang het duurt tot je volledige ontsluiting hebt is verschillend bij iedere vrouw. De eerste 5 centimeters gaan in de meeste gevallen wat langzamer. Zo zullen de eerste 3 centimeter uren kunnen duren, waarna de overige 7 centimeter weer sneller zullen gaan. Zo kan van 3 naar 4 centimeter ontsluiting net zolang duren als van 7 naar 10 centimeter ontsluiting. Bij een tweede kindje zal het ook weer sneller gaan.

Een ontsluitingsfase duurt gemiddeld 10 tot 12 uur.

Het is noodzakelijk om tijdens de ontsluiting weeën op bed te gaan liggen, mits de verloskundige of arts dit heeft geadviseerd. Zoek tijdens de ontsluiting weeën een voor jou makkelijke houding, waarbij de weeën makkelijker op te vangen zijn.

De weeën zullen elkaar steeds sneller opvolgen en heftiger worden. Komen de weeën om de 2 a 3 minuten dan begint er echt schot in te komen. Een echte wee duurt ongeveer 60 seconden. Komen de weeën al enige tijd geregeld en houden deze 1 minuut aan dan is het tijd om de verloskundige te bellen.

We spreken van een volledige of volkomen ontsluiting als de baarmoederhals en de vagina één geheel vormen. De opening die ontstaat bij een volledige ontsluiting is ongeveer 10 cm. Je mag gaan mee persen!

De vliezen breken over het algemeen aan het einde van de ontsluitingsperiode,maar dit kan ook eerder gebeuren. Als de vliezen zijn gebroken, kan de baby uit de baarmoeder gedreven worden.

De uitdrijving fase

Na de ontsluiting fase waarin je lichaam zich opmaakt voor de bevalling, volgt de tweede fase van de bevalling De uitdrijving fase. In deze fase zal jullie kindje geboren worden. Bij een eerste kindje duurt de uitdrijving gemiddeld 1 ½ uur.

Het kan voorkomen dat de vliezen niet spontaan breken. De verloskundige zal deze dan doorprikken, dit is geheel pijloos. Het kan zijn dat de weeën nog niet volop aanwezig waren,na het breken van de vliezen zullen ze wat sterker worden.

Door de persweeën wat een samentrekking van de spieren is zal je kindje stukje bij beetje naar buiten gedreven worden.

Het is gebruikelijk dat het hoofd van je kindje als eerste naar buiten komt. Je kindje wordt in de buik gedwongen een aantal draaien te maken om het op een zo gunstig mogelijke manier naar buiten te laten komen. Jou kindje komt dus ondersteboven in de buik te liggen. Het lichaampje ligt voor de bevalling zijwaarts. Als het hoofdje voor de uitgang ligt, wordt het ten opzichte van het lichaam ongeveer een kwartslag gedraaid. Het neusje van je kindje draait naar de rug van jour toe. Als het bijna zover is, rust het hoofd van je kindje op de bekkenbodem. De weerstand van de bekkenbodem zorgt ervoor dat het hoofd van je kindje in de nek wordt gedrukt. Nu zal de schedel tussen de schaamlippen zichtbaar worden.

Bij een nieuwe perswee komt het hoofdje naar buiten. Zodra het hoofdje geboren is zal het hoofdje draaien zodat het weer recht op het lichaampje staat. Daarna volgen de schoudertjes. E’n voor één zulle deze geboren worden, waarna al snel de rest van het lichaampje geboren wordt. Je kindje is geboren, en zal meteen lekker op je buik gelegd worden. De bevalling is nog niet voorbij , de placenta moet immers nog geboren worden. Dit is de laatste fase. Een perswee lijken op aandrang van een toilet gang, de drang om te moeten poepen. Ze zijn ongelooflijk sterk.

Geboorte van de placenta

Zoals we al zeiden is de bevalling nog niet helemaal ten einde. De placenta moet nog naar buiten worden geperst.

Het afstoten van de placenta zal ongeveer 20 minuten duren. Zodra je kindje geboren is wordt de baarmoeder kleiner. Dit gebeurd direct nadat je kindje de placenta verlaten heeft.

Door deze sterke verkleining komt de placenta van de baarmoeder rand los. Je baarmoeder zal gaan samentrekken waardoor de placenta uiteindelijk helemaal los komt. Het wachten is op een wee waardoor je de placenta in één keer eruit zal persen. De verloskundige kan je een beetje helpen door mee te drukken op je buik.

Na de geboorte van de placenta zal de verloskundige deze helemaal nakijken. Ze controleert of de placenta compleet is en of er geen deeltjes zijn blijven zitten.

Dit zou anders namelijk een fikse ontsteking kunnen veroorzaken. Tevens zal ze het gewicht van de placenta controleren en nagaan in welke conditie de placenta is en of deze zijn werk goed verricht heeft. Deze informatie is belangrijk voor een eventuele volgende zwanger schap.

Doordat de placenta zich los scheurt van de baarmoeder wand zal deze fase gepaard gaan met bloedverlies. Deze bloedingen stoppen in principe gewoon weer, maar het is belangrijk dat de bloedingen tijdig stoppen. Het niet tijdig stoppen van de bloedingen is een complicatie die kan voorkomen. Het bloedverlies zal de komende uren goed in de gaten gehouden worden, even als de bloeddruk en pols.

Na de geboorte van de placenta en het afsluiten van deze fase is het tijd om jullie als kers verse ouders van harte te feliciteren. Wat dan nog rest is niets anders dan heerlijk te genieten van jullie kindje.

Na de bevalling

Wanneer de gehele bevalling achter de rug is, zal je kindje lekker op je borst gelegd worden onder warme doeken. Aan de vader zal gevraagd worden of hij de navelstreng wil door knippen. De meeste vaders vertellen daarna dat de navelstreng wat taai aanvoelde. Je kindje voelt hier helemaal niet van.

Nadat het nog even lekker bij mama gelegen heeft is het tijd om jullie kindje na te kijken. De verloskundige zal wat testjes doen, je kindje wegen en verder nakijken. Is je kindje helemaal goed gezond zal deze lekker warm aangekleed worden. Wil je borstvoeding geven zal je kindje binnen een uur na de bevalling aangelegd worden.

Thuisbevalling

In Nederland heb je de mogelijkheid om thuis te bevallen. Dit in tegenstelling tot andere Europese landen. Een thuisbevalling is mogelijk door de goede samenwerking tussen verloskundigen en kraamverzorgende en de goede samenwerking tussen verloskundigen en gynaecologen. Door de goede samenwerking  is het mogelijk gemaakt om je kindje op een veilige manier in de jou zo vertrouwde omgeving op de wereld te zetten.

Als er geen medische reden is ben je tijdens je zwangerschap onder controle van de verloskundige, is er wel een medische indicatie dan zal de gynaecoloog de controles over nemen. Een bevalling is een natuurlijk proces, dus zolang er geen medische reden is er geen reden om medisch in te grijpen en kan je dus thuis bevallen. Een verloskundige is er voor opgeleid om alles goed te laten verlopen.

Thuis bevallen is niet minder veilig dan een poliklinische bevalling in het ziekenhuis. Zolang de bevalling goed verloopt al de verloskundige samen met de kraamverzorgende de thuisbevalling begeleiden. De kraamverzorgende assisteert hierbij de verloskundige en blijft tot twee uur na de bevalling (post partum)

De voordelen van thuis bevallen

Voor veel vrouwen is het makkelijker te ontspannen tijdens de weeën in hun eigen vertrouwde omgeving.

Hoe gek het ook klinkt, je kindje is beschermt tegen de bacteriën van thuis, dit in tegenstelling voor de bacteriën in het ziekenhuis.

Zodra je bevallen bent kan je lekker douchen in je eigen douche waarna je lekker meteen je eigen bed in kan. Je kan op een rustige manier kenneis maken met je kindje. Daar bij heef de kraamverzorgende alle tijd om je goed te begeleiden met de borstvoeding.

 

Wat heb je nodig voor een thuis bevalling?

  • Celstof onderleggers 8
  • Grote onderlegger
  • Pakken kraamverband 2
  • Steriele gaasjes
  • Watten 250 gram
  • Desinfecterende zeep
  • Alcohol 70%
  • Navelklem

Dit zit allemaal in het kraampakket wat je bij je verzekering aan kan vragen

Verder:

  • Een digitale thermometer (geen oor)
  • Klossen om het bed te verhogen ( ongeveer 70 a 80 cm)
  • Een ondersteek (po)
  • Een shirt of nachthemd die vies mag worden
  • 2 kruiken
  • Hydrofiele luiers
  • Kleertjes voor je kindje
  • Mutsje

Tip: Gebruik geen nieuwe lakens of dekbed overtrekken, en vergeet natuurlijk niet je foto en video camera klaar te leggen. Wanneer je niet je eigen bed kan verhogen dan is er de mogelijkheid om die te huren bij een thuiszorg organisatie. Denk aan de ruggen van de zorgverleners!

Wanneer bel je de verloskundige?

Bij een eerste kindje bel je als de weeën gedurende een uur om de 3 a 4 minuten komen en ongeveer een minuut aanhouden. Bij een volgend kindje bel je wanneer je regelmatig weeën hebt om de 3 a 4 minuten. En natuurlijk als het opeens heel snel gaat en bij twijfel.

Wanneer je vruchtwater verliest kijk je of dit helder is of groen/bruin. Bij groen/bruin vruchtwater heeft je kindje in het vruchtwater gepoept en moet je direct de verloskundige bellen.

Kraamzorg

Elk kraambureau heeft afspraken met de verloskundigen over het bel beleid. In de meeste gevallen geeft de verloskundige je opdracht om het kraambureau te bellen voor partus assistentie. Maar er zijn zeker ook kraambureau’s die je vragen om te bellen wanneer de weeën beginnen en dan later in opdracht van de verloskundige terug te bellen. Voor een kraambureau is het erg prettig om te weten dat jullie bezig zijn, zodat ze tijd hebben om de desbetreffende kraamverzorgende vast te informeren. De kraamzorg kan op deze manier ruim op tijd bij jullie zijn. Lees hiervoor goed de informatie door die jullie van het kraamcentrum hebben gekregen zodat er geen misverstanden kunnen ontstaan.

Zodra de kraamverzorgende er is zal zij de verloskundige assisteren en alle benodigdheden klaarzetten. Na de bevalling blijft zij nog minstens twee uur . In die twee uur zal zij jullie kindje aankleden, assisteren bij het douchen of indien nodig op bed wassen, je bed verschonen, en de spullen opruimen. Tevens zal zij moeder en kind goed observeren, en een aantal keer controles uitvoeren van hartslag, temperatuur en baarmoederstand, en de nodige informatie geven voor de volgende 24 uur. Natuurlijk ontgaat je een hoop informatie, je bent immers net bevallen, daarom zal de kraamverzorgende de nodige informatie ook opschrijven in het kraamdossier die jullie van het kraambureau gekregen hebben. Ga je borstvoeding geven dan zal zij alle tijd nemen om je hier goed te begeleiden. Je kindje wordt binnen twee uur na de bevalling aangelegd. Wil je liever kunstvoeding geven zal de kraamverzorgende de voeding klaarmaken tot de volgende dag en hier uitleg over geven.

Bijvoeding en vast eten

bijvoedingDe eerste zes maanden heeft een kindje dat voldoende groeit, genoeg aan borstvoeding of volledige flesvoeding .Je kindje krijgt dan voldoende voedingsstoffen binnen. Vanaf dat je kindje zes maanden is,heeft het daarnaast bijvoeding nodig. Sommige kindjes zijn echter al eerder aan bijvoeding toe. Je merkt dat aan dat het veel smakkende geluidjes maakt of alles in het mondje stopt. Ze kunnen letterlijk het eten uit je mond kijken. In dat geval kan je met 4 maanden voorzichtig beginnen met een klein beetje bijvoeding. Je kindje kan je geleidelijk aan verschillende voedingsmiddelen laten wennen, te beginnen met kleine porties fijngemaakt voedsel. Geleidelijk aan kan je steeds meer borst of flesvoedingen vervangen. Tegen de tijd dat je kindje ongeveer één jaar is, kan het gewoon ‘met de pot mee-eten’. Het kan zijn als je begint met bij voeden, dat je kindje minder aan de borst drinkt, waardoor de melkproductie terug loopt en je kindje dus niet optimaal van de borstvoeding kan profiteren.

Stapje voor stapje

Het overstappen naar vast voedsel gaat stapje voor stapje, en zal bij elk kindje anders verlopen. Het beste is om er rustig de tijd voor te nemen en je kindje steeds nieuwe dingen te laten proberen. In het begin moet het eten heel fijn worden gemaakt, doormiddel van pureren. Je kan bijvoorbeeld beginnen met een kleine hoeveelheid fruit of groente tussen de voedingen door. Langzaam aan kan je dan de hoeveelheid opvoeren. Door met verschillende voedingsmiddelen te experimenteren leer je, je kindje aan allerlei smaken wennen. In kant en klare maaltijden zitten voldoende voedingstoffen, maar zit vaak weinig smaak aan.  Het stapje voor stapje uitproberen van voedingsmiddelen maakt het mogelijk de oorzaak van eventuele overgevoeligheidsreacties te achterhalen. De bijvoeding hoeft steeds minder fijn gepureerd te worden zodat het de kauwontwikkeling stimuleert. Na verloop van tijd kan je steeds meer borst of flesvoedingen vervangen.

Geschikte fruit soorten om mee te beginnen:

Appel, banaan, peer, perzik en meloen. Later kan je sinasappel, kiwi, ontvelde druiven, mango en aardbeien proberen. Natuurlijk kan je ook verschillende fruitsoorten combineren.

Geschikte groenten soorten om mee te beginnen:

Worteltjes, bloemkool, specieboontjes, doperwtjes, snijboontjes, witlof, broccoli, asperges, ontvelde tomaat, courgette, komkommer of peultjes.

Er wordt afgeraden om kinderen onder de zes maanden nitraatrijke groente soorten te geven, en boven de 6 maanden maximaal twee maal per week. Bij het opwarmen kan nitriet vrijkomen wat erg schadelijk kan zijn voor een jong kindje. In sommige gevallen kan het leiden tot ademhaling moeilijkheden. Warm daarom uit voorzorg nooit restjes op.
Groenten uit blik of pot kan je, je kindje beter nog niet geven. Vaak bevatten die veel zout.

Vlees, vis, kip of eieren

Vlees, vis of kip kun je het beste koken of stoven. Kook eieren helemaal gaar. Voeg geen zout of kruiden toe. Kies voor een stukje kipfilet of visfilet, een hamlapje of wat tartaar. Het gare vlees kun je fijnmalen in een keukenmachine of met een staafmixer. Gaat dit goed, dan kun je het later wat grover snijden.

Wanneer bijvoeding?Een heerlijk toetje

Na de warme maaltijd kan je eventueel nog een toetje geven. Bijvoorbeeld wat vla of Yoghurt. Vol of mager maakt bij deze kleine hoeveelheden niet zoveel uit. Fruit is ook heel geschikt als toetje, bijvoorbeeld een paar lepels vruchtenmoes met wat yoghurt. Er zijn ook fruittoetjes te koop die je mag geven vanaf 6 maanden. Denk daarbij aan Danone.

Melk en pap

Geef je kindje tot het één jaar, nog geen ‘gewone’ melk: koemelk bevat erg veel eiwit en te weinig ijzer voor kinderen die nog geen jaar zijn. Er zijn diverse papsoorten te koop, in allerlei smaakjes, zoals vanille en banaan. Strooi deze in warme opvolgmelk: roeren en klaar. Begin altijd met de fijne soorten (bloem en meel) en stap geleidelijk over op de grovere soort. Kijk op de verpakking naar de leeftijd.

Voedsel-allergieën

Klachten die kunnen duiden op een voedsel allergie zijn:
Braken,diarree,groei achterstand, het weigeren van voedsel, astma, loop neusje, oogontsteking, huiduitslag, galbultjes, eczeem, darmkrampjes, ontroostbaar huilen, heel erg onrustig zijn.

Het wil niet zeggen dat als je kindje deze klachten heeft, dat het dan ook een voedselallergie heeft. Deze klachten kunnen ook bijvoorbeeld veroorzaakt worden, door verkoudheid, tandjes krijgen of een prikje dat ze op het consultatie bureau hebben gehad. Ga nooit zelf experimenteren met verschillende voedingen als je en vermoeden hebt dat je kindje allergisch is. Overleg altijd eerst met je arts of consultatie bureau, zodat die het verder kunnen onderzoeken en een goed voedingsadvies kunnen geven.

Je arts of het consultatiebureau zullen vaak eerst gaan bekijken of de klachten van je kindje ook een andere oorzaak kunnen hebben. Pas als alle andere oorzaken zijn uitgesloten, is het waarschijnlijk dat het om een voedselallergie gaat.

Wanneer is de kans groter dat het om een voedsel allergie gaat:

  • Als de symptomen steeds optreden na het gebruik van een bepaald voedingsmiddel.
  • Als één van de ouders of een ouder broertje of zusje een aangetoonde voedselallergie heeft. Als twee of meerdere van bovengenoemde klachten naast elkaar voorkomen.
  • Als er geen andere oorzaak voor de klachten wordt gevonden.
  • Als ondanks een behandeling de klachten blijven bestaan.

Heeft je kindje een voedselallergie, dan is het advies om niet eerder dan als je kindje zes maanden is met bijvoeding te beginnen. De kans op nieuwe voedsel-allergieën is dan kleiner. Begin met voedingsmiddelen die over het algemeen weinig allergische reacties geven, zoals peer, bloemkool of worteltjes. Geef nog geen voedingsmiddelen die erom bekend staan vaker allergische reacties te kunnen veroorzaken. Geef je kindje stapje voor stapje steeds één nieuw voedingsmiddel per drie dagen, in opbouwende hoeveelheid. Geef je kindje het nieuwe voedingsmiddel het liefst aan het begin van de dag, dan is overdag eventueel te zien hoe je kindje erop reageert. Reageert je kindje op een bepaald voedingsmiddel stop dan met dit bepaalde voedingsmiddel totdat de klachten zijn verdwenen en begin later dan weer met een nieuw voedingsmiddel.

Gluten

De eerste zes maanden kan je, je kindje beter nog geen brood, koekjes, pap op basis van tarwe of pasta geven. In deze voedingsmiddelen zitten gluten. Door pas na zes maanden met voedingsmiddelen met gluten te beginnen, voorkom je dat eventuele overgevoeligheidsreacties op gluten al op heel jonge leeftijd optreden.

Honing

Geef je kindje voordat het 1 jaar is ook geen honing. Honing is een natuurproduct dat besmet kan zijn met een bacterie Clostridium botulinum. Dit is de bacterie die botulisme veroorzaakt. Hier kunnen jonge heel ernstig ziek van worden.

Vitamine D

Kinderen die geen volledige zuigelingenvoeding en/of opvolgmelk krijgen, hebben extra vitamine D  nodig in de vorm van een vitaminepreparaat. De extra benodigde hoeveelheid vitamine D is vijf microgram per dag. Als kinderen nog gedeeltelijk zuigelingenvoeding of opvolgmelk krijgen, is tweeënhalve microgram vitamine D voldoende.

Hygiëne

Ga bij het klaarmaken van babyvoeding altijd hygiënisch te werk. Kleine kinderen zijn gevoeliger voor voedselinfecties dan volwassenen. Gebruik schone en verse producten. Was de producten goed en gebruik schoon keukengerei bij de bereiding . Als je maaltijden wilt bewaren, doe dit dan in een afgesloten bakje in de koelkast, waar je het maximaal 2 dagen kan bewaren. Bewaar nooit nitraatrijke groenten. Als je grote hoeveelheden klaar maakt, kan je het in porties verdelen en invriezen.

Voedingsadvies tijdens je zwangerschap

Gezonde voeding tijdens je zwangerschapAls je zwanger bent of borstvoeding geeft, is het extra belangrijk om gezond, vezelrijk en gevarieerd te eten. Tijdens de zwangerschap gaat je weerstand namelijk omlaag en ben je dus vatbaarder voor allerlei ziektes. Bovendien hebben veel zwangere vrouwen last van een trage stoelgang. Vezelrijk voedsel is de beste medicijn tegen deze zwangerschapsklacht!

Als je het moeilijk vindt om genoeg groenten en fruit te eten, bijvoorbeeld omdat je er misselijk van wordt, slik dan speciale multivitaminetabletten voor zwangere vrouwen, zoals Gravitamon. Neem geen gewoon vitaminepreparaat, want daar zit veel vitamine A in. Vitamine A komt ook voor in lever en in leverproducten en is in principe gezond, maar niet voor zwangere vrouwen. Als je te veel vitamine A binnenkrijgt, kan je ongeboren kindje namelijk een oogbeschadiging krijgen.

De volgende producten kun je beter niet eten en drinken:

  • rauwe melk
  • rauwmelkse kazen
  • rauw of halfrauw vlees
  • alcoholische dranken

Matigen met:

  • zuivelproducten en koffie. Zij verhinderen namelijk de opname van ijzer in je bloed.
  • producten waar vitamine A in zit

Goed doorbakken vlees mag je gerust eten. Dat is rijk aan ijzer en weer erg goed voor jou en je baby.

Eten voor twee:

Natuurlijk hoef je niet voor twee te eten, mooie kreet, maar beslist niet het geval. Ga nu echter ook niet streng lijnen, je zal gewoon dikker worden, je baby moet per slot van rekening ergens blijven nietwaar?

Vitamine C bevordert de opname van ijzer in je bloed. Het kan geen kwaad daar wat extra van te slikken.