Krentenbaard

Een krentenbaard oftewel impetigo is een bacteriële infectie van de huid rond de mond en neus. Ook op de armen en benen komt deze infectie voor, maar dan heet het kinderzeer. Krentenbaard kan ontstaan op een beschadigde huid, bijvoorbeeld bij eczeem, maar kan ook de gezonde huid aantasten. Het is een zeer besmettelijke aandoening. Krentenbaard kan op iedere leeftijd voorkomen, maar komt duidelijk veel vaker voor bij kinderen, vaak tussen 2 en 12 jaar.

Volwassenen hebben er inmiddels een bepaalde weerstand tegen ontwikkeld. . Op scholen en kinderdagverblijven kunnen kleine epidemieën voorkomen. Krentenbaard komt meestal voor in het voorjaar en in de zomer.

Hoe kun je een krentenbaard herkennen?

Bij krentenbaard ontstaan eerst rode bultjes in groepjes op de huid. Midden in deze bultjes ontstaan blaasjes die snel indrogen tot gele korstjes. De plekken met blaasjes en korstjes breiden zich snel uit. De huid van je kindje kan soms pijnlijk zijn of jeuken.

De plekjes zitten vaak rond de mond en neus, maar soms ook op armen en benen.

Als er veel plekken zijn, kan er koorts optreden of kunnen de lymfeklieren in de hals, de oksels of de liezen opzetten.

Incubatietijd

Na besmetting duurt het één tot drie dagen voordat er verschijnselen van krentenbaard optreden.

Wat kun je doen bij een krentenbaard?

Raak de plekjes zo weinig mogelijk aan.
Was voor en na aanraking van de plekken je handen. (ook na behandeling) Gebruik een eigen handdoek voor je kindje en verschoon die dagelijks.

Je kind mag, als het zich goed voelt, gerust naar het kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of school. Raak de plekjes zo weinig mogelijk aan. Was voor en na aanraking van de plekken je handen. (ook na behandeling) Gebruik een eigen handdoek voor je kindje en verschoon die dagelijks.

Je kind mag, als het zich goed voelt, gerust naar het kinderdagverblijf, peuterspeelzaal of de school

Behandeling

De beste remedie tegen krentenbaard is niet aan de blaasjes krabben. Meestal zal de huisarts in eerste instantie een crème met b.v. fusedinezuur of tetracycline voorschrijven waarmee het besmettingsgevaar binnen 48 uur is verdwenen. Kinderen met krentenbaard kunnen zodoende 48 uur na behandeling weer naar school of kinderdagverblijf, behalve wanneer ze er ziek en hangerig van zijn.

De zalf werkt het beste als de blaasjes of wondjes open zijn en de werkzame stof dus bij de bacteriën kan komen. Het is daarom heel belangrijk de dunne huid op de blaartjes te verwijderen voor het aanbrengen van de zalf. Je kan op plaatsen waar de huid dun is dit het gemakkelijkst doen door er een keer krachtig over heen te wrijven met een ruw, vochtig washandje. Is de krentenbaard erg uitgebreid zal de huisarts een antibiotica voorschrijven. Maar omdat er bij plaatselijke zorgvuldige behandeling dit haast niet nodig is , is dit dan ook geen eerste keus. Als de krentenbaard niet zo ernstig is kan zinkolie worden gebruikt. Dit werkt tegen de eventuele jeuk en helpt ook om de blaasjes te laten indrogen.

Preventie

Bij het begin van de behandeling moeten alle huisgenoten en overige mensen die in contact zijn geweest worden onderzocht en gedurende een week gecontroleerd om (her)besmetting onder controle te houden.
Reinig eventuele verwondingen of lichte huidbeschadigingen grondig met zeep en schoon water. Indien nodig kan een milde ontsmettende stof worden gebruikt. Krentenbaard is besmettelijk, dus vermijd huidcontact met het blaasjesvocht.
Verspreiding van de infectie kan worden voorkomen door telkens schone washandjes en handdoeken te gebruiken en bijvoorbeeld ook niet elkaars kam, kleding of scheermes te gebruiken.
Was bovendien de handen grondig na het aanraken van de huidbeschadigingen.

Zwanger

Aangezien krentenbaard in de meeste gevallen bij kinderen tussen de 2 en 12 jaar voorkomt is de kans klein dat een zwangere vrouw besmet wordt. Mocht dit wel het geval zijn ,dan is het wel noodzakelijk om het te laten behandelen om verdere besmetting te voorkomen.

Krentenbaard is in principe niet gevaarlijk voor de ongeboren vrucht.

Besmetting

Door krabben en peuteren krijg je de bacteriën aan de vingers en je kan dan gemakkelijk jezelf op andere plaatsen of andere personen besmetten. Besmetting vindt plaats door direct contact. Via rechtstreekse aanraking of via bijvoorbeeld speelgoed raken ook andere kinderen besmet.